ECLI:NL:PHR:2022:1186
Parket bij de Hoge Raad · 20-12-2022 · zaaknummer 20/04067
Inhoudsindicatie
Conclusie AG. Medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met het in art. 3 onder A Opiumwet gegeven verbod. Het eerste middel klaagt over ’s hofs beoordeling van de rechtmatigheid van tapmachtigingen zoals verstrekt door de rechter-commissaris. Het tweede middel richt zich op de onjuiste beëdiging raadsheren gerechtshof ’s-Hertogenbosch. De AG adviseert het cassatieberoep te verwerpen (art. 81 RO). Wel merkt de AG ambtshalve op dat de Hoge Raad uitspraak zal doen nadat meer dan twee jaren zijn verstreken na het instellen van het cassatieberoep, hetgeen zijns inziens tot strafvermindering naar de gebruikelijke maatstaf moet leiden. Samenhang met 20/04009 en 20/04075.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
