ECLI:NL:PHR:2021:910
Parket bij de Hoge Raad · 05-10-2021 · zaaknummer 20/04285
Inhoudsindicatie
Conclusie AG. Moord op 10-jarig zoontje van verdachte (art. 289 Sr). Anders dan de stellers van het middel willen, is volgens AG het oordeel van het hof over het handelen met voorbedachte raad niet gebaseerd op het voor het bewijs van de levensberoving gebruikte 'kennelijke leugenachtigheid van de verklaring van verdachte', maar op andere omstandigheden. Wel heeft het hof bij zijn oordeel over de overschrijding van de redelijke termijn in hoger beroep geen rekening gehouden met de omstandigheid dat verdachte toen in voorlopige hechtenis verkeerde. De conclusie strekt ertoe de veroordeling wegens moord in stand te laten en de duur van de opgelegde gevangenisstraf van 15 jr wegens overschrijding van de redelijke termijn te verminderen volgens de gebruikelijke maatstaf.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
