ECLI:NL:PHR:2021:232
Parket bij de Hoge Raad · 19-01-2021 · zaaknummer 19/05781
Inhoudsindicatie
Oplichting van bank (meermalen gepleegd) door ruim € 11 miljoen af te romen tijdens rondpompen van geld o.b.v. groot aantal incasso-opdrachten (art. 326.1 Sr), opzettelijk onjuist doen van aangifte inkomstenbelasting (art. 69.2 AWR), bedrieglijke bankbreuk (art. 341.1.1 Sr) en (als bestuurder van rechtspersoon) na faillissement weigeren vereiste inlichtingen aan curator te geven (art. 194.1 Sr). 1. Bewijsklacht oplichting. Zijn bewezenverklaarde gedragingen te kwalificeren als samenweefsel van verdichtsels en/of listige kunstgrepen? 2. Bewijsklacht oplichting. Heeft bank in maatschappelijk verkeer vereiste omzichtigheid betracht? 3. Bewijsklacht t.a.v. weigeren vereiste inlichtingen te geven. Kan vereist opzet uit gebezigde b.m. worden afgeleid? 4. Bewijsklacht t.a.v. als bestuurder van rechtspersoon weigeren vereiste inlichtingen te geven. Heeft verdachte geweigerd vereiste inlichtingen aan curator te verstrekken? 5. Vordering b.p. Levert behandeling van vordering een onevenredige belasting van strafproces op? HR: art. 81.1 RO. Samenhang met 19/05809.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
