ECLI:NL:PHR:2020:825
Parket bij de Hoge Raad · 23-06-2020 · zaaknummer 18/04840
Inhoudsindicatie
Medeplegen poging tot afpersing, art. 317 Sr. 1. Bewijsminimum, art. 342.2 Sv (unus testis). Vinden verklaringen van aangever voldoende steun in waarneming van moeder van aangever? 2. Omzetting vervangende hechtenis in gijzeling bij schadevergoedingsmaatregel, art. 36f Sr. Ad 1. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2010:BM2452 m.b.t. bewijsminimum van art. 342.2 Sv. Hof heeft naast de verklaring van aangever waarin hij o.m. verklaart op 25 januari 2014 hard tegen gezicht te zijn geslagen door verdachte, voor bewijs gebruikt de verklaring van moeder van aangever, inhoudende o.m. de waarneming van blauw-geel gekleurd oog bij aangever op 25 januari 2014. Gelet hierop kan niet worden gezegd dat voor bewijs gebruikte verklaring van aangever onvoldoende steun vindt in overig bewijsmateriaal. Van schending van art. 342.2 Sv is daarom geen sprake. Volgt verwerping. Ad 2. HR ambtshalve: Hof heeft verdachte verplichting opgelegd om aan Staat ten behoeve van in arrest genoemd slachtoffer in arrest vermeld bedrag te betalen, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door in arrest genoemd aantal dagen hechtenis. HR zal ’s hofs uitspraak ambtshalve vernietigen v.zv. daarbij vervangende hechtenis is toegepast overeenkomstig hetgeen is beslist in ECLI:NL:HR:2020:914. HR bepaalt dat met toepassing van art. 6:4:20 Sv gijzeling van gelijke duur kan worden toegepast.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
