ECLI:NL:PHR:2019:763
Parket bij de Hoge Raad · 28-05-2019 · zaaknummer 17/05177
Inhoudsindicatie
Openlijke geweldpleging (art. 141.1 Sr) en belediging (art. 266.1 Sr). Omvang h.b. Nadat verdachte in e.a. is vrijgesproken van feit 1 (openlijke geweldpleging), i.v.m. geslaagd beroep op noodweer is ontslagen van alle rechtsvervolging t.z.v. feit 2 (openlijke geweldpleging) en is veroordeeld voor feit 3 (belediging), heeft Hof verdachte veroordeeld t.z.v. feiten 2 en 3. Is 's Hofs oordeel m.b.t. omvang van namens verdachte ingesteld h.b. begrijpelijk gelet op inhoud van schriftelijke bijzondere volmacht tot instellen van h.b. van raadsvrouwe van verdachte aan griffiemedewerker? In bestreden uitspraak ligt als ‘s Hofs niet onbegrijpelijke oordeel besloten dat volmacht tot instellen van h.b. niet een ondubbelzinnige beperking inhoudt t.a.v. omvang van h.b. en dat aldus niet op die grond sprake is van ambtelijk verzuim bij opstellen van appelakte. Gelet hierop en in aanmerking genomen dat Hof heeft vastgesteld dat h.b. nadien niet alsnog partieel door verdachte is ingetrokken, is ’s Hofs oordeel dat ook onder 2 tlgd. aan oordeel van Hof is onderworpen, niet onbegrijpelijk. Volgt verwerping.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
