ECLI:NL:PHR:2019:217
Parket bij de Hoge Raad · 12-03-2019 · zaaknummer 17/03894
Inhoudsindicatie
Conclusie PG. Samenhang met 17/03894. Mensenhandel. Drie middelen. 1. Falende klacht dat het kennelijke oordeel van het hof dat voor een bewezenverklaring op de voet van art. 273f lid 1 aanhef en onder 4 Sr voldoende is dat komt vast te staan dat sprake is van een uitbuitingssituatie getuigt van een onjuiste rechtsopvatting. 2. Falende klacht dat het oordeel van het hof dat sprake was van misbruik van een kwetsbare positie onbegrijpelijk, althans ontoereikend gemotiveerd is. 3. Falende klacht dat het hof door bewezen te verklaren dat verdachte het slachtoffer heeft bewogen om ‘haar mededader’ te bevoordelen is uitgegaan van een onjuiste rechtsopvatting ten aanzien van art. 273f aanhef lid 1 en onder 9 Sr, nu daarin niet strafbaar is gesteld degene die een ander beweegt ‘een ander’ (in de zin van een derde) te bevoordelen. Falende klacht dat het in vereniging plegen ten aanzien van art. 273f aanhef lid 1 en onder 9 Sr niet uit de gebezigde bewijsmiddelen kan worden afgeleid. De PG adviseert de HR de middelen af te doen op de voet van art. 81 RO.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
