ECLI:NL:PHR:2019:1430
Parket bij de Hoge Raad · 10-12-2019 · zaaknummer 18/05488
Inhoudsindicatie
Diefstal met braak, art. 311.1.5 Sr. N-o verklaring in h.b. o.g.v. art. 416.2 Sv. Heeft hof verzuimd uitdrukkelijk en gemotiveerd te beslissen op aanhoudingsverzoek? HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2018:1934 m.b.t. voorlopig oordeel op vóór tz. gedane aanhoudingsverzoeken i.v.m. effectuering aanwezigheidsrecht verdachte of t.b.v. verkrijging machtiging a.b.i. art. 279.1 Sv. Hof heeft met de overweging “dat formeel gezien geen sprake is van een aanhoudingsverzoek” kennelijk als oordeel tot uitdrukking gebracht dat het vóór de tz., door de niet gemachtigde raadsman gedane aanhoudingsverzoek niet geldt als verzoek tot aanhouding van het onderzoek ttz. waarop hof uitdrukkelijk en gemotiveerd diende te beslissen. Dat oordeel is onjuist. Volgt vernietiging en terugwijzing.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
