ECLI:NL:PHR:2018:741
Parket bij de Hoge Raad · 20-04-2018 · zaaknummer 17/02403
Inhoudsindicatie
Schepelingenvoorrecht. Concordantiebeginsel. Zeevarenden vorderen schadevergoeding omdat de werkgever niet heeft voldaan aan de uit de zee-arbeidsovereenkomsten voortvloeiende verplichting om zorg te dragen voor een (pre)pensioenvoorziening. Vallen deze vorderingen onder bereik van art. 8:211, onder b, BW? Moet de vordering worden toegerekend aan een schip in evenredigheid met de periode gedurende welke de zeevarende op of ten behoeve van dat schip heeft gewerkt? Vervaltermijn van art. 8:219 BW. Gedekt verweer.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
