ECLI:NL:PHR:2018:1280
Parket bij de Hoge Raad · 25-09-2018 · zaaknummer 17/00856
Inhoudsindicatie
Bedreiging door met bijl slaande bewegingen te maken naar ander, die n.a.v. eerder incident op ramen van woning verdachte heeft gebonkt, art. 285.1 Sr. Beroep op noodweer, art. 41.1 Sr. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2016:456 m.b.t. belang van consistente feitelijke vaststellingen bij beoordeling van beroep op noodweer en subsidiariteitseis. Hof heeft geoordeeld dat het gebonk op de ramen en het geschreeuw van A geen ogenblikkelijke wederrechtelijke aanranding oplevert (en ook geen reële dreiging daarvan), waartegen verdachte zich zou moeten verdedigen. Gelet op wat namens verdachte is aangevoerd ter onderbouwing van de aanranding - waarvan Hof de juistheid deels in het midden heeft gelaten - is dit oordeel niet z.m. begrijpelijk. V.zv. Hof daarnaast aan de verwerping van het verweer ten grondslag heeft gelegd dat voor verdachte geen noodzaak tot verdediging bestond omdat verdachte ook een andere keuze had kunnen maken, bijv. de politie bellen, is dat oordeel niet toereikend gemotiveerd, nu Hof niet heeft doen blijken te hebben onderzocht of dit van verdachte ook kon worden gevergd. Volgt vernietiging en terugwijzing.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
