ECLI:NL:PHR:2018:1125
Parket bij de Hoge Raad · 28-08-2018 · zaaknummer 17/03397
Inhoudsindicatie
Hof heeft verdachte n-o verklaard in zijn h.b. omdat het te laat is ingesteld, art. 408.1.a Sv. Inleidende dagvaarding aan verdachte in persoon uitgereikt? Ex art. 408.1.a Sv moet h.b. binnen 14 dagen na de einduitspraak worden ingesteld indien de inleidende dagvaarding om op de tz. te verschijnen aan verdachte in persoon is betekend. In het licht van hetgeen namens verdachte ttz. in h.b. is aangevoerd - in de kern inhoudende dat de inleidende dagvaarding door een ander dan verdachte in ontvangst is genomen en dat het handschrift waarmee de naam van de ontvanger van de dagvaarding op de akte van uitreiking van die dagvaarding is geschreven alsmede de onder "Handtekening ontvanger" geplaatste handtekening niet overeenkomen met het handschrift resp. de handtekening van verdachte in diens rijbewijs en in een politie p-v in het dossier - is ‘s Hofs oordeel dat de dagvaarding om te verschijnen op de tz. in e.a. aan verdachte in persoon is betekend niet z.m. begrijpelijk. Dit brengt mee dat het Hof de n-o verklaring van verdachte in het h.b. ontoereikend heeft gemotiveerd. Volgt vernietiging en terugwijzing.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
