ECLI:NL:PHR:2015:2102
Parket bij de Hoge Raad · 08-09-2015 · zaaknummer 14/02537
Inhoudsindicatie
Antilliaanse zaak. Het in deze zaak van toepassing zijnde art. 385.3 Wetboek van Strafvordering van Curaçao (SvC) is gelijkluidend aan art. 342.2 Sv. De HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2010:BM2452, welke ook gelden voor art. 385.3 SvC. V.zv. het middel betoogt dat de betrokkenheid van verdachte bij de overvallen telkens uitsluitend steunt op de verklaringen van aangeefsters, mist het feitelijke grondslag. ’s Hofs oordeel dat, in hetgeen het Hof in de bewijsmotivering van die overvallen ook heeft betrokken, voldoende steun is te vinden voor de verklaringen van aangeefsters, is niet onbegrijpelijk. Ambtshalve: strafvermindering wegens overschrijding van de redelijke termijn in cassatie. Conclusie AG: anders.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
