ECLI:NL:PHR:2015:1898
Parket bij de Hoge Raad · 01-09-2015 · zaaknummer 14/01403
Inhoudsindicatie
Ontvankelijkheid van het cassatieberoep. Op de gronden die zijn vermeld in de conclusie van de AG onder 4 t/m 7 kan verdachte niet worden ontvangen in het ingestelde beroep. Appel is ingesteld door de gemachtigde van verdachte en aan deze is o.g.v. art. 408a jo. 450.2 Sv aanstonds de appeldagvaarding uitgereikt. Nu die uitreiking ex art. 450.4 Sv geldt als betekening in persoon, had verdachte ingevolge art. 432.1.a. Sv uiterlijk binnen 14 dagen na ’s Hofs einduitspraak cassatie moeten instellen. Cassatie is na het verstrijken van deze termijn ingesteld. Hetgeen in de cassatieschriftuur is aangevoerd, kan niet worden aangemerkt als een bijzondere omstandigheid die de termijnoverschrijding verontschuldigbaar maakt.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
