Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:PHR:2014:355

Parket bij de Hoge Raad · 08-04-2014 · zaaknummer 13/02261

Bestuursrecht; BelastingrechtGepubliceerd 08-05-2014
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

In een schuldbekentenis met dagtekening 1 april 1999 verklaren belanghebbende en haar echtgenoot (met wie zij op huwelijkse voorwaarden was gehuwd) dat zij van de bank een geldlening hebben ontvangen en dat zij dat bedrag hoofdelijk schuldig zijn. Bij akte van dezelfde datum vestigt belanghebbende ten behoeve van de bank het recht van hypotheek op haar woonhuis. De echtgenoot start in 2001 een onderneming. In 2003 wordt door de echtgenoot bij de bank een lening afgesloten ten behoeve van de onderneming waarvoor belanghebbende als mede (hoofdelijk) schuldenaar wordt verbonden. In 2005 wordt de woning van belanghebbende op last van de bank verkocht. Met de verkoopopbrengst wordt de hypothecaire lening afgelost en met het resterende bedrag ter hoogte van € 109.287 de ondernemingsschulden van de echtgenoot. In geschil is of belanghebbende € 109.287 kan aanmerken als negatief resultaat uit overige werkzaamheden. Anders dan de Rechtbank is het Hof van oordeel dat de stukken van het geding geen aanleiding geven voor het oordeel dat er sprake zou zijn van een overeenkomst van borgtocht. Belanghebbende is derhalve als hoofdelijk aansprakelijke partij aangesproken door de bank. Het Hof oordeelt dat belanghebbende een regresvordering op haar echtgenoot heeft gekregen voor de helft van het door haar betaalde bedrag. Deze regresvordering ad € 54.644 komt ten laste van het resultaat van de werkzaamheid van belanghebbende. In cassatie klaagt de Staatssecretaris erover dat het Hof de stelling van de Inspecteur dat het aanvaarden van de hoofdelijke aansprakelijkheid zijn oorzaak vindt in onzakelijke motieven, onbesproken heeft gelaten. In haar incidenteel cassatieberoep betoogt belanghebbende dat zij niet als hoofdelijk aansprakelijke partij is aangesproken, maar dat sprake is van een overeenkomst van borgtocht. A-G Niessen meent dat het Hof gezien de te dezen vaststaande feiten juist heeft geoordeeld dat geen sprake was van borgstelling en dat belanghebbende derhalve als hoofdelijk aansprakelijke partij is aangesproken. Volgens de A-G is dit onderscheid echter niet van belang, aangezien belanghebbende ook als hoofdelijk schuldenaar voor het hele bedrag een regresvordering kreeg. Het Hof heeft namelijk ten onrechte geoordeeld dat slechts voor de helft sprake is van een regresvordering. Hoewel belanghebbende als hoofdelijk aansprakelijke evenals haar echtgenoot slechts voor een gelijk deel was verbonden, belet artikel 6:10 BW niet dat zij voor het gehele bedrag regres heeft op haar echtgenoot aangezien de schuld in haar geheel hem aanging, aldus de A-G. Nu het Hof echter niet heeft beslist op de stelling van de Inspecteur dat het door belanghebbende aanvaarden van de hoofdelijke aansprakelijkheid zijn oorzaak vindt in onzakelijke motieven, meent de A-G dat de zaak terugverwezen dient te worden naar het Hof. Bij gegrondbevinding van deze stelling kan de afboeking naar analogie van HR 25 november 2011, BNB 2012/78, NTFR 2011/2834 onder verwijzing naar HR 25 november 2011, BNB 2012/37, NTFR 2011/2722, niet ten laste van het resultaat worden gebracht. De conclusie strekt tot gegrondbevinding van het beroep in cassatie van de Staatssecretaris, ongegrondbevinding van het incidenteel beroep in cassatie van belanghebbende, tot verwijzing van de zaak voor een onderzoek naar de vraag of de aansprakelijkstelling door belanghebbende als onzakelijk moet worden beschouwd, en voor het geval die vraag ontkennend wordt beantwoord, amtshalve tot vermindering van de aanslag tot nihil en vaststelling van het verlies uit werk en woning op € 96.596

Rechters

In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.

Advocaten

In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.