ECLI:NL:PHR:2014:266
Parket bij de Hoge Raad · 04-02-2014 · zaaknummer 12/05989
Inhoudsindicatie
Beklag, beslag. OM-cassatie. Art. 94 Sv, art. 552a Sv. De Rb heeft bij de beoordeling van het klaagschrift weliswaar het juiste toetsingskader vooropgesteld, maar de aan te leggen maatstaf niet juist toegepast. Aan haar oordeel dat het belang van strafvordering niet meer kan verlangen dat het beslag wordt voortgezet, heeft de Rb ten grondslag gelegd dat “thans door het OM onvoldoende aannemelijk is gemaakt dat (illegale) gelden van de belanghebbende zijn gebruikt om de inbeslaggenomen voorwerpen (…) aan te schaffen”. Hiermee heeft de Rb als haar oordeel tot uitdrukking gebracht dat niet ervan kan worden uitgegaan dat aan de – in art. 33a.2.a Sr gestelde – voorwaarden is voldaan voor v.v. van voorwerpen die toebehoren aan een ander dan de veroordeelde. Daardoor is de Rb, die in dit verband had moeten beoordelen of niet hoogst onwaarschijnlijk is dat de strafrechter, later oordelend, de v.v. van die voorwerpen zal bevelen, vooruitgelopen op de mogelijke uitkomst van een nog te voeren procedure in de hoofdzaak. De beslissing van de Rb is ontoereikend gemotiveerd.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
