ECLI:NL:PHR:2012:BX5419
Parket bij de Hoge Raad · 13-11-2012 · zaaknummer 11/00654
Inhoudsindicatie
Art. 197a.1 (oud) Sr. Van “uit winstbejag” a.b.i. in art. 197a.1 (oud) Sr kan worden gesproken indien het handelen van de dader is ingegeven door een gerichtheid op verrijking, waarbij het niet noodzakelijk hoeft te gaan om een op geld waardeerbaar voordeel en evenmin bepalend is of het beoogde voordeel daadwerkelijk is behaald. Voldoende is dat blijkt dat de dader op de verrijking uit is geweest. De HR verstaat de overweging van het Hof zo, dat daarmee tot uitdrukking is gebracht dat de bewezenverklaarde gedraging gericht was op het behalen van een voordeel, hierin gelegen dat verdachte zich aldus de kosten heeft bespaard die het in dienst nemen van een au pair met inachtneming van alle toepasselijke regels zou hebben meegebracht. Aldus verstaan geeft ’s Hofs overweging niet blijk van een onjuiste opvatting t.a.v. het begrip “uit winstbejag”.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
