ECLI:NL:PHR:2011:BO7126
Parket bij de Hoge Raad · 11-02-2011 · zaaknummer 10/04325
Inhoudsindicatie
BOPZ. Een beperking in het recht op vrij telefoonverkeer overeenkomstig de geldende huisregels in een GGZ-instelling kan slechts worden opgelegd in de in art. 40 lid 4, onder a en b, Wet Bopz genoemde gevallen; zulks is niet anders indien de beperking een patiënt betreft op wie de dwangmaatregel van separatie wordt toegepast; een dergelijke beperking is een beslissing als bedoeld in art. 41 lid 1 Wet Bopz en de rechter dient derhalve te onderzoeken of zich een van de in art. 40 lid 4, onder a en b, Wet Bopz genoemde gevallen voordeed; tegen de beslissing om in het kader van de toepassing van de dwangmaatregel van separatie beperkingen op te leggen ten aanzien van de mogelijkheid van televisie kijken kan, evenzeer als tegen de beslissing tot toepassing van die dwangmaatregel zelf, op de voet van art. 38c en art. 41 Wet Bopz bij de rechtbank worden geklaagd.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
