ECLI:NL:PHR:2008:BC7910
Parket bij de Hoge Raad · 27-05-2008 · zaaknummer 00601/07
Inhoudsindicatie
OM-cassatie. Art. 285a.1 Sr. Het Hof heeft geoordeeld dat voor het bewijs van het in art. 285a.1 Sr bedoelde strafbare feit, moet worden vastgesteld dat de getuige daadwerkelijk in zijn verklaringsvrijheid is belemmerd. Dat oordeel geeft blijk van een onjuiste rechtsopvatting, omdat het daarmee een eis stelt die art. 285a Sr niet kent. Uit de tekst van art. 285a Sr en de wetsgeschiedenis van deze bepaling volgt immers dat voor een bewezenverklaring van een op art. 285a Sr gestoelde tll voldoende is dat komt vast te staan dat de uiting kennelijk bedoeld was om de vrijheid van de in die bepaling bedoelde persoon om naar waarheid of geweten ten overstaan van een rechter of ambtenaar een verklaring af te leggen, te beïnvloeden zonder dat wordt vereist dat die kennelijke bedoeling ook tot een daadwerkelijke beïnvloeding behoeft te hebben geleid.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
