ECLI:NL:PHR:2006:AW3559
Parket bij de Hoge Raad · 03-10-2006 · zaaknummer 01447/05
Inhoudsindicatie
Vordering benadeelde partij. 1. Verrekening tegenvordering, vordering in reconventie. 2. Motivering. 3. Wettelijke rente. Ad 1. Aangezien de ten laste van verdachte bewezenverklaarde oplichting opzet impliceert, had verdachte niet de bevoegdheid tot verrekening van een tegenvordering met de te vergoeden schade. Het Hof heeft het verweer in zoverre terecht verworpen. Vzv. tevens wordt bedoeld te klagen over 's Hofs oordeel dat verdachte ook geen vordering in reconventie kan instellen, miskent het dat een vordering bp, hoezeer ook in materiële zin van civielrechtelijke aard, in procesrechtelijke zin is ingebed in het strafrecht. In het WvSv is niet voorzien in een vordering in reconventie. Ad 2. Art. 359.2 Sv heeft niet het oog op een omtrent de vordering bp ingenomen standpunt. Art. 361.4 Sv houdt in dat de beslissing over de vordering bp met redenen moet worden omkleed maar i.c. was het Hof niet tot nadere motivering gehouden aangezien zijn beslissing voortvloeit uit de wet. Ad 3. Die onrechtmatige gedraging van verdachte heeft ingevolge de aangehaalde wettelijke bepalingen tot gevolg dat verdachte schadeplichtig is jegens de bp en dat hij zonder ingebrekestelling de wettelijke rente over het schadebedrag verschuldigd is vanaf het moment dat de schade is ingetreden.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
