ECLI:NL:OGHACMB:2025:73
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba · 26-03-2025 · zaaknummer CSXM2024H00061 en SXM2024H00062
Inhoudsindicatie
Het Hof is van oordeel dat het Gerecht op goede gronden heeft geoordeeld dat de huuropbrengsten terecht bij belanghebbende in de heffing van de inkomstenbelasting zijn betrokken. De omstandigheid dat belanghebbende eerst in het jaar 2024 een verzoek heeft gedaan om afstand te doen van de nalatenschap (en dit verzoek in 2024 is gehonoreerd) heeft geen betekenis voor de onderhavige aanslagen inkomstenbelasting over de jaren 2017 en 2018. De omstandigheid dat belanghebbende in zijn eigen aangifte 2017 en aangiften over de voorgaande jaren de huurpenningen heeft vermeld en de huurpenningen van de Franse kant door belanghebbende als onderpand worden gebruikt voor het verkrijgen van een lening/hypotheek bij de bank wijzen verder op zijn gerechtigheid tot de huurpenningen. Het Hof bevestigt de uitspraak van het Gerecht.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[belanghebbende]
belanghebbende · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
