ECLI:NL:OGHACMB:2021:105
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba · 22-04-2021 · zaaknummer CUR2019H00337
Inhoudsindicatie
Belanghebbende, geboren in 1957, is ingezetene van Curaçao. In het in geschil zijnde jaar exploiteert belanghebbende als mondhygiëniste een onderneming in de vorm van een eenmanszaak, waaruit zij winst uit onderneming geniet. In hoger beroep is, evenals in eerste aanleg, in geschil de maatstaf van de heffing van de BVZ. Het Gerecht heeft, voor zover in hoger beroep van belang, onder verwijzing naar de uitspraak van dit Hof van 22 januari 2018 (ECLl:NL:OGHACMB:2018:28) geoordeeld dat de persoonlijke lasten en buitengewone lasten niet in aftrek zijn toegelaten, doch komen zij in aftrek bij de bepaling van ‘zuivere inkomen’, als bedoeld in artikel 3, derde lid, LIB (vgl. de uitspraak van het GHvJ van 22 januari 2018, CUR2017H00025 t/m H00028, ECLl:NL:OGHACMB:2018:28). Het betoog van belanghebbende berust op een verkeerde lezing van de wetteksten en moet derhalve worden verworpen. Het hoger beroep is ongegrond.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[belanghebbende]
belanghebbende · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
