ECLI:NL:OGHACMB:2020:3
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba · 14-01-2020 · zaaknummer AUA2019H00141
Inhoudsindicatie
Belanghebbende heeft eerst op 6 oktober 2017 een definitieve aangifte winstbelasting voor het jaar 2016 ingediend. Ingevolge artikel 14a, tweede lid, van de ALB was belanghebbende gehouden om uiterlijk op de laatste dag van de vijfde maand na afloop van het boekjaar over dat jaar aangifte te doen. Nu belanghebbende niet aan haar aangifteverplichting heeft voldaan kan beboeting voor het niet tijdig indienen van de aangifte plaatsvinden. De aangifteverplichting geldt onverkort; dus ook indien er geen aangiftebiljet is uitgereikt dan wel er wel een aangiftebiljet is uitgereikt zonder het stellen van een termijn voor de indiening. De opgelegde boete acht het Hof passend en geboden.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[belanghebbende]
belanghebbende · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
