ECLI:NL:OGHACMB:2018:144
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba · 08-05-2018 · zaaknummer BON2017H00005
Inhoudsindicatie
Belanghebbende (in oprichting) heeft in augustus 2007 een perceel woeste grond, groot 102.978 m² gekocht (project ‘[ X ]’). In december 2007 heeft belanghebbende het perceel woeste grond verkocht. De grond is in 2008 geleverd. Belanghebbende heeft in haar aangifte winstbelasting voor het jaar 2008 ter zake van het verkoopresultaat een vervangingsreserve gevormd van Nafl. 474.554. De inspecteur weigert de vorming van de vervangingsreserve en voegt de reserve aan de winst toe. In geschil is of het perceel kan worden beschouwd als een bedrijfsmiddel, en als dat het geval is, of belanghebbende een vervangingsvoornemen heeft. Uit de feiten en omstandigheden en de gedragingen van belanghebbende is het Hof niet aannemelijk geworden dat belanghebbende de bedoeling had om het perceel woeste grond duurzaam zelf te exploiteren. Daarmee is het Hof van oordeel dat het perceel woeste grond niet als bedrijfsmiddel kan worden aangemerkt en dat reeds daarom geen vervangingsreserve kan worden gevormd. De vraag of sprake is van een vervangingsvoornemen hoeft dan niet meer beantwoord te worden.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
