ECLI:NL:OGHACMB:2011:BR2152
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba · 05-04-2011 · zaaknummer EJ-294/10-H-236/10
Inhoudsindicatie
Werknemer is op grond van een mondelinge arbeidsovereenkomst in dienst getreden, een proeftijdbeding dient volgens art. 7A:1615n BW schriftelijk te worden opgenomen. Na enige tijd is hem een arbeidsovereenkomst aangeboden waarin wel proeftijd is opgenomen, kennelijk met de overtuiging dat het proeftijdbeding een terugwerkende kracht zou hebben. Hof oordeelt echter dat een proeftijdbeding met terugwerkende kracht nietig is. Hof oordeelt dat de vordering tot loondoorbetaling moet worden gematigd omdat werknemer pas enige weken in dienst was.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
