ECLI:NL:OGEANA:2009:BK5203
Gerecht in Eerste Aanleg van de Nederlandse Antillen · 25-11-2009 · zaaknummer AR81/2008
Inhoudsindicatie
Artikel 477a lid 2 Rv bepaalt dat de executant na het afleggen van de verklaring door de derde-beslagene de bevoegdheid heeft om binnen twee maanden daarna de derde-beslagene te doen oproepen tot het doen van een gerechtelijke verklaring. Tussen partijen staat vast dat gedaagde op 17 juli 2008 haar verklaring heeft afgelegd. Nu eiseres het onderhavige verzoek eerst op 22 oktober 2008 heeft ingediend, heeft zij de termijn van twee maanden overschreden. Er zijn geen omstandigheden gesteld en/of gebleken op grond waarvan zij niettemin in haar verzoek ontvankelijk zou zijn.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
