ECLI:NL:OGEAM:2024:7
Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten · 15-03-2024 · zaaknummer SXM202200691 en SXM202200692
Inhoudsindicatie
Tussen partijen is de heffing over huuropbrengsten van de onverdeelde boedel in geschil. Het Gerecht is van oordeel dat voornoemde opbrengsten uit onroerende goederen op grond van artikel 4 van de Landsverordening op de inkomstenbelasting belast zijn bij belanghebbende als gerechtigde tot de nalatenschap. Dat belanghebbende deze opbrengsten per abuis in zijn aangifte IB 2017 zou hebben opgenomen is niet aannemelijk gemaakt. Belanghebbende heeft het vermoeden dat hij deze huuropbrengsten ook in het jaar 2018 heeft genoten niet ontzenuwd. Het beroep is uitsluitend gegrond, omdat de Inspecteur het bezwaar ten onrechte niet-ontvankelijk heeft verklaard.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[belanghebbende]
belanghebbende · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
