ECLI:NL:OGEAC:2022:220
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao · 22-07-2022 · zaaknummer CUR202101116
Inhoudsindicatie
Belanghebbende is ingezetene van Curaçao. Hij heeft al in het bezwaarschrift van 19 mei 2017 gesteld dat hij als bestuurder inkomsten heeft genoten van een in Nederland gevestigde vennootschap. De Inspecteur heeft die stelling pas voor het eerst vlak voor de zitting ter discussie gesteld en om bewijsstukken gevraagd. Belanghebbende was niet in staat om tijdig, dat wil zeggen vóór of op de zitting, die bewijsstukken over te leggen. Nu het in een zeer laat stadium door de Inspecteur gevoerde verweer - dat belanghebbende geen bestuurder is van een in Nederland gevestigde vennootschap - een onderzoek van feitelijke aard vergt, zal het Gerecht dit verweer als tardief buiten beschouwing laten. Dat betekent dat in de onderhavige zaak als vaststaand moet worden aangenomen dat belanghebbende als bestuurder van een in Nederland gevestigde vennootschap NAf 28.603 aan inkomsten heeft genoten. Gelet daarop bestaat recht op aftrek ter voorkoming van dubbele belasting.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[belanghebbende]
belanghebbende · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
