ECLI:NL:OGEAC:2021:181
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao · 24-08-2021 · zaaknummer CUR202002309 tot en met CUR202002311
Inhoudsindicatie
Belanghebbende drijft een onderneming met een vaste inrichting op Curaçao. Aldaar exploiteert zij een fastfood restaurant. In geschil is of OB verschuldigd is over de door belanghebbende aan de franchisegever betaalde royalty’s en over de betaalde vergoeding voor administratieve diensten en of daarover terecht vergrijpboetes zijn opgelegd. Belanghebbende heeft een vaste inrichting in Curaçao en de franshisegever is in de Verenigde Staten gevestigd. Op grond van artikel 4, lid 4 LOB en artikel 11, lid 2 OB is OB verschuldigd over de royalty’s. Er is immers een rechtstreeks verband tussen de vergoeding en de prestatie. Belanghebbende heeft ter zake wel een pleitbaar standpunt ingenomen zodat geen vergrijpboete kan worden opgelegd. Belanghebbende heeft met betrekking tot de administratieve diensten gesteld dat er een cost sharing agreement is, maar heeft daarvan geen bewijs geleverd, zodat OB verschuldigd is over de door haar betaalde vergoeding voor de administratieve diensten. Er is sprake van grove schuld, zodat voor de kosten van administratieve diensten de boete terecht is vastgesteld op 25% van de nageheven belasting.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[belanghebbende]
belanghebbende · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
