ECLI:NL:OGEAC:2020:4
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao · 08-01-2020 · zaaknummer CUR201600442 t/m CUR201600447
Inhoudsindicatie
Belanghebbende was van 2003 t/m 2009 inwoner van de Nederlandse Antillen. Hij woonde en werkte op Curaçao, en vanaf 21 januari 2008 werkte hij op Bonaire. Niet in geschil is dat de belastingheffing is toegewezen aan de Nederlandse Antillen. Het land Nederlandse Antillen is op 10 oktober 2010 opgehouden te bestaan. De vraag is welk land vanaf 10 oktober 2010 heffingsbevoegd is voor de daaraan voorafgaande belastingjaren 2008 en 2009. Het Gerecht sluit daarvoor aan bij de regeling van de relatieve competentie in art. 36 Landsverordening op de inkomstenbelasting 1943 (LIB). Daarin was bepaald dat de binnen de Nederlandse Antillen wonende belastingplichtigen worden aangeslagen in het eilandgebied waar zij wonen aan het begin van het belastingjaar. Nu belanghebbende op 1 januari 2008 woonde op Curaçao, is de inspecteur van het land Curaçao heffingsbevoegd voor het belastingjaar 2008. Voor wat betreft 2009 is belanghebbende niet erin geslaagd overtuigend aan te tonen dat hij op 1 januari 2009 niet in Curaçao woonde. Dit betekent dat de inspecteur van het land Curaçao ook heffingsbevoegd is voor het belastingjaar 2009.
Rechters
Advocaten
- C. Belanghebbende
- D. Namens de Inspecteur
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
