ECLI:NL:OGEAA:2026:60
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba · 25-03-2026 · zaaknummer AUA202501613 en AUA202501614
Inhoudsindicatie
In geschil is of de aanslagen premies AOV/AWW en AZV voor 2022 correct zijn vastgesteld, en meer in het bijzonder of de werkgever over de ontslagvergoeding ook het werkgeversdeel van de premies had moeten betalen. Belanghebbende beantwoordt deze vraag bevestigend en stelt zich daarom op het standpunt dat de aanslagen te hoog zijn, terwijl de Inspecteur het tegenovergestelde betoogt. Het Gerecht oordeelt dat de ontslagvergoeding moet worden aangemerkt als loon uit vroegere dienstbetrekking. Dit betekent dat geen inhoudingsplicht voor de werkgever bestaat en dat de werkgever derhalve geen werkgeversdeel van de premies hoeft af te dragen. De volledige premie komt daarom voor rekening van belanghebbende, zodat de aanslagen terecht zijn vastgesteld. Ook het beroep op de beëindigingsovereenkomst slaagt niet, nu daarin slechts een brutovergoeding is overeengekomen waarop nog belastingen en premies in mindering worden gebracht. Daarnaast faalt het beroep op het gelijkheidsbeginsel, omdat belanghebbende niet aannemelijk heeft gemaakt dat sprake is van gelijke gevallen die gunstiger zijn behandeld. Het gelijk is derhalve aan de Inspecteur.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[belanghebbende]
belanghebbende · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
