ECLI:NL:OGEAA:2022:38
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba · 22-02-2022 · zaaknummer AUA201100013 (voorheen RvBB50529)
Inhoudsindicatie
Nadat het OM heeft afgezien van strafrechtelijke vervolging van belanghebbende wegens verdenking van overtreding van 223a LIUD (frauduleuze invoer van sterke dranken) heeft de Inspecteur aan belanghebbende voor de verschuldigde invoerrechten en accijnzen (rechten bij invoer) een UTB opgelegd. In geschil is of de UTB terecht is opgelegd. Meer in het bijzonder of sprake is van ontduiking van rechten bij invoer en, zo ja of de ontdoken rechten bij invoer van belanghebbende kunnen worden nagevorderd. Het Gerecht oordeelt dat het aannemelijk is dat de vier zendingen sterke drank op onregelmatige wijze zijn ingevoerd en dat hiermee rechten bij invoer zijn ontdoken. De UTB is terecht aan belanghebbende opgelegd. De UTB behelst verder geen ‘criminal charge’ in de zin van artikel 6 EVRM. De UTB kan daarom niet i.v.m. ‘undue delay’ worden vernietigd. De lange duur van de procedure levert ook geen strijdigheid op met artikel 1 van het Eerste Protocol bij het EVRM. Het beroep is ongegrond.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[belanghebbende]
belanghebbende · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
