ECLI:NL:OGEAA:2022:143
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba · 18-05-2022 · zaaknummer AUA202102262
Inhoudsindicatie
In geschil is primair of belanghebbende in 2020 terecht de zogenoemde verhuisboedelvrijstelling is geweigerd. Subsidiair is in geschil of de Inspecteur bij de berekening van de invoerrechten van de juiste waarde van de ingevoerde goederen is uitgegaan. Het Gerecht overweegt dat belanghebbende in 2018 haar normale woonplaats heeft verplaatst naar Aruba en dat zij niet aannemelijk heeft gemaakt dat vanwege de coronacrisis de goederen niet binnen de vastgestelde termijn van twaalf maanden hadden kunnen worden overgebracht naar Aruba. Gelet op het voorgaande heeft belanghebbende niet voldaan aan de voor de verhuisboedelvrijstelling gestelde eisen en heeft de Inspecteur de verhuisboedelvrijstelling terecht geweigerd. Naar het oordeel van het Gerecht heeft de Inspecteur de vastgestelde waarde terecht gebaseerd op de ‘normale prijs’, zoals vermeld in artikel 59 LvIUD. Het gelijk is aan de Inspecteur.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[belanghebbende]
belanghebbende · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
