ECLI:NL:OGEAA:2020:102
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba · 20-03-2020 · zaaknummer AUA201903320 en AUA201903321
Inhoudsindicatie
Belanghebbende heeft twee kinderen. De kinderen zijn door Directie Financiën uitgenodigd om gebruik te maken van een 30% kwijtscheldingsregeling van hun studieschuld. Na verzocht te hebben om in aanmerking te komen voor de regeling moesten ze de bedragen in één keer betalen. Belanghebbende heeft het totaalbedrag aan studieschuld afgelost. De vraag is of de schuldaflossing als een buitengewone last kan worden aangemerkt. De Inspecteur stelt dat de kosten niet op belanghebbende drukken, omdat belanghebbende zelf stelt dat zij de kosten heeft voorgeschoten. Het Gerecht stelt voorop dat indien de schuldaflossing in het jaar 2012 als een voorschot (met een terugbetalingsverplichting voor de kinderen) bedoeld was, de uitgave in dat verband reeds om die reden niet kan worden aangemerkt als een buitengewone last. Nu de schuldaflossing niet geheel of gedeeltelijk nodig was ter onmiddellijke verlichting van betalingsmoeilijkheden van de kinderen, kan niet worden gezegd dat de uitgave strekt tot voorziening in hun levensonderhoud. Het gelijk is derhalve aan de Inspecteur.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[belanghebbende]
belanghebbende · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
