ECLI:NL:OGEAA:2019:155
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba · 11-03-2019 · zaaknummer AUA201802272
Inhoudsindicatie
Naar het oordeel van de ambtenarenrechter gaat het in dit geval om een concrete verdenking van ernstig plichtsverzuim, zodat schorsing gedurende het disciplinaire onderzoek in redelijkheid in het belang van de dienst kan worden geacht. Het gerecht ziet zich voorts voor de vraag geplaatst of nu nog voldoende grond aanwezig is voor een schorsing. In dit kader wordt er op gewezen dat verweerder ook de belangen van klager voor ogen dient te houden en daarbij moet streven naar voortvarende afdoening van de disciplinaire procedure. In dit geval is niet gebleken dat verweerder de benodigde voortvarendheid bij de besluitvorming in acht heeft genomen. Bij dit alles heeft het gerecht voorts in aanmerking genomen de aard van het vermoedelijke plichtsverzuim, de omstandigheid dat klager het vermoedelijke plichtsverzuim niet heeft gepleegd in de uitvoering van zijn functie, en de omstandigheid dat klager het vermoedelijk gepleegde plichtsverzuim ontkent. Gelet hierop lijdt de bestreden beslissing, naar het oordeel van het gerecht, aan een motiveringsgebrek, zodat die beslissing dient te worden vernietigd. Het bezwaar is gegrond.
Rechters
Advocaten
- C. Lejuez
- P.A.J. van der Biezen
- V.M. Emerencia
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
