ECLI:NL:OGEAA:2018:103
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba · 26-02-2018 · zaaknummer AUA201702178
Inhoudsindicatie
Appellante is zonder een geldige verblijfstitel in Aruba gebleven. Het uitlandigheidsvereiste in het beleid van verweerder strekt ertoe te voorkomen dat de minister voordat deze kan beoordelen of een vreemdeling aan alle voor toelating gestelde eisen voldoet, door diens aanwezigheid hier te lande voor voldongen feiten wordt geplaatst. Aanvragen van vreemdelingen voor eerste toelating tot Aruba dienen daarom in principe in het buitenland te worden afgewacht. Verweerder heeft gebruik kunnen maken van zijn bevoegdheid opgenomen in artikel 9, eerste lid, sub d van de Ltuv om verlening van een vergunning tot tijdelijk verblijf af te wijzen, indien de betrokkene tijdens een vorig verblijf in Aruba de periode waarvoor men was toegelaten heeft overschreden.
Rechters
Advocaten
- D.G. Kock
- G.M.N. Maduro
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
