ECLI:NL:OGEAA:2013:31
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba · 10-12-2013 · zaaknummer E.J. nr. 1706 van 2013
Inhoudsindicatie
Arbeidsrecht. Aan het wegblijven van werkneemster mocht werkgever in de gegeven omstandigheden redelijkerwijs niet de betekenis toekennen dat zij ontslag had genomen. De gestelde feiten voldoen niet aan de strenge maatstaf ter beantwoording van de vraag of een werknemer zijn dienstbetrekking vrijwillig heeft willen beëindigen, welke maatstaf ertoe dient de werknemer te behoeden voor de ernstige gevolgen die vrijwillige beëindiging van het dienstverband voor hem kan hebben. De termijn die is verlopen tussen de laatste werkdag van werkneemster leidt met betrekking tot de loonbetalingsverplichting evenwel tot de conclusie dat onvoldoende gebleken is dat zij zich gedurende die tijd ook beschikbaar heeft gehouden om de overeengekomen werkzaamheden te verrichten. Van haar had in dit verband mogen worden verwacht dat zij met enige regelmaat met werkgever contact zou opnemen om te laten weten dat zij nog steeds bereid en beschikbaar was om te komen werken. Werkgever heeft zich niet voldoende gemotiveerd erop beroepen, dat toewijzing van het nu verschuldigde loon naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar zou zijn, terwijl overigens de wet niet voorziet in matiging van een loonvordering en voorts ook op grond van het beginsel van concordantie geen matiging mogelijk is, nu artikel 7:680a BW Nederland de rechter alleen een matigingsbevoegdheid toekent in geval een aan de werknemer verleend ontslag nadien nietig wordt bevonden. Wel komt het gerecht de bevoegdheid toe de wettelijke verhoging als bedoeld in artikel 7A:1614q BW te matigen tot zodanig bedrag dat als hem met het oog op de omstandigheden van het geval billijk zal voorkomen. Werkgever heeft onvoldoende gesteld om het daarheen te leiden. Werkneemster vordert wedertewerkstelling. Werkgever beroept zich op verjaring onder verwijzing naar het bepaalde in artikel 7A:1615u BW. Dat verweer faalt. Het bepaalde in artikel 7A:1615u BW juncto 1615t BW ziet op het geval dat de dienstbetrekking geëindigd is. Dat is hier niet het geval.
Rechters
Advocaten
- D.C.A. Crouch
- L.J. Pieters
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
