ECLI:NL:OGAACMB:2019:106
Gerecht in Ambtenarenzaken van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba · 14-10-2019 · zaaknummer AUA201803365
Inhoudsindicatie
Tussen partijen is niet in geschil dat klager in aanmerking komt voor een gratificatie wegens loffelijke dienstverrichting. In geschil is uitsluitend de vraag of verweerder een gratificatiebedrag van lager dan een maandsalaris had mogen toekennen. Het kennelijke standpunt van klager dat de gratificatie wegens loffelijke dienstverrichting een bedrag gelijk aan een maandinkomen is of dient te zijn, vindt geen steun in de wet noch in het gratificatiebeleid. Klager heeft voor het overige niet geconcretiseerd waarom de hoogte van de gratificatie in strijd zou zijn met enige algemeen beginsel van behoorlijk bestuur. Het enkele feit dat verweerder geen nader beleid heeft gemaakt omtrent de hoogte van een toe te kennen gratificatie is daartoe onvoldoende. Het gerecht is voorts van oordeel dat een gratificatie van Afl. 1000,- tussen redelijk denkende mensen niet als onredelijk kan worden aangemerkt. Dat verweerder in redelijkheid niet tot de bestreden beschikking heeft kunnen komen, is derhalve niet gebleken
Rechters
Advocaten
- N.S. Gravenstijn
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
