ECLI:NL:HR:2026:627
Hoge Raad · 19-05-2026 · zaaknummer 24/02580
Inhoudsindicatie
Voorbereidingshandelingen m.b.t. cocaïnehandel (art. 10a.1.2 Opiumwet), als leider deelnemen aan criminele (drugs)organisatie die zich bezighoudt met grootschalige (internationale) handel in cocaïne en (gewoonte)witwassen (art. 11b.2 Opiumwet jo. 140.4 Sr) en medeplegen witwassen van geldbedrag (€ 89.230) (art. 420bis.1.b Sr). Vrijspraak in eerste aanleg t.a.v. deelnemen aan criminele organisatie, v.zv. inhoudende dat (gewoonte)witwassen oogmerk van organisatie was en dat verdachte een van leiders was. 1. Afwijzing van ttz. in hoger beroep gedaan en op nadere tz. in h.b. herhaald verzoek tot horen van medeverdachte (zus van verdachte) als getuige, op de grond dat het niet aannemelijk is dat getuige binnen aanvaardbare termijn kan worden gehoord, art. 288.1.a Sv. 2. Bewijsklachten deelnemen aan criminele organisatie t.a.v. grondslagverlating, innerlijke tegenstrijdigheid in bewijsvoering, oogmerk van organisatie, onderdeel dat verdachte een van leiders van organisatie was en meerdaadse samenloop a.b.i. art. 57 Sr. HR: art. 81.1 RO. Samenhang met 24/02516 en 24/02518.
Advocaten
- H.P.H.M.C. van Kempen
- M.J. van Berlo
- R.J. Baumgardt
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
