Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:HR:2026:436

Hoge Raad · 17-03-2026 · zaaknummer 25/03565

StrafrechtGepubliceerd 13-03-2026
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Herziening. Wederspannigheid met letsel tot gevolg, art. 181.1 jo. 180 Sr. Aangevoerd wordt dat er om meerdere redenen sprake is van gegeven a.b.i. art. 457.1.c Sv. 1. Aanvraag berust allereerst op stelling dat betekening van dagvaarding voor tz. van Pr in eerste aanleg niet rechtsgeldig is geweest. 2. Daarnaast wordt in aanvraag gesteld dat Pr aanvrager zou hebben vrijgesproken van tlgd. wederspannigheid, als Pr bekend zou zijn geweest met nadien gegeven vrijspraak en sepotbeslissing m.b.t. feiten waarvoor aanvrager destijds is aangehouden. 3. Ook wordt in aanvraag aangevoerd dat Pr de aanvrager zou hebben vrijgesproken van tlgd. wederspannigheid, als Pr bekend zou zijn geweest met de bij aanvraag gevoegde medische verslagen. Ad. 1. Ook als wordt uitgegaan van feitelijke juistheid van deze stelling, kan dit niet leiden tot een van de in art. 457.1.c Sv genoemde beslissingen. Ad. 2. Aangevoerde wekt niet ernstig vermoeden a.b.i. art. 457.1.c Sv. Rechter heeft immers in strafzaak van aanvrager moeten beoordelen of betreffende verbalisant t.t.v. tlgd. werkzaam was in rechtmatige uitoefening van bediening. Daarbij geldt als uitgangspunt dat politieambtenaar die uitvoeringshandelingen verricht i.h.k.v. aanhouding van verdachte werkzaam is in rechtmatige uitoefening van zijn bediening a.b.i. art. 180 Sr (vgl. HR:2014:2919 en HR:2025:1278). Latere vrijspraak of sepotbeslissing m.b.t. feit waarvoor verdachte is aangehouden, staat niet in de weg aan veroordeling voor wederspannigheid, omdat deze beslissingen niet betekenen dat redelijk vermoeden van schuld aan strafbaar feit dat aanleiding vormde voor aanhouding niet heeft bestaan (vgl. HR:1987:AB8324). Ad. 3. Rechter die de veroordeling heeft uitgesproken, was grotendeels al bekend met wat in aanvraag naar voren wordt gebracht over het bij aanhouding toegepaste geweld. Wat er voor het overige bij aanvraag en daarbij gevoegde medische verslagen naar voren is gebracht (dat bij aanvrager door middel van radiologisch onderzoek een gebroken rib is vastgesteld) is in het licht van wat in p-v van politie is vermeld over omstandigheden waaronder verbalisanten geweld tegen aanvrager hebben toegepast, van onvoldoende gewicht om te kunnen gelden als gegeven a.b.i. art. 457.1.c Sv. Afwijzing aanvraag.

Advocaten

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.