Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:HR:2026:422

Hoge Raad · 17-03-2026 · zaaknummer 23/04842

StrafrechtGepubliceerd 13-03-2026
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Profijtontneming, w.v.v. uit bewezenverklaarde feiten en uit andere strafbare feiten na veroordeling t.z.v. mensensmokkel van vluchtelingen door in uitoefening van beroep hen behulpzaam te zijn bij hun illegale verblijf in Nederland, art. 36e.2 Sr. 1. In eerste aanleg is niet vastgesteld dat voldoende aanwijzingen bestaan dat betrokkene andere strafbare feiten heeft begaan. 2. Motivering schatting w.v.v. Kon hof oordelen dat “voldoende aanwijzingen” bestaan dat betrokkene naast bewezenverklaarde feiten “andere strafbare feiten” a.b.i. art. 36e.2 Sr heeft begaan? Ad 1. In strafzaak die samenhangt met deze ontnemingszaak is betrokkene veroordeeld voor mensensmokkel van vluchtelingen door in uitoefening van beroep hen behulpzaam te zijn bij hun illegale verblijf in Nederland. In deze ontnemingszaak heeft OM vordering gedaan tot ontneming van voordeel dat zou zijn verkregen door middel van feiten waarvoor betrokkene is veroordeeld en door middel van andere strafbare feiten a.b.i. art. 36e.2 Sr. In e.a. heeft Rb geoordeeld dat betrokkene voordeel heeft verkregen door middel van feiten waarvoor hij is veroordeeld. Over de aan vordering ten grondslag gelegde “andere strafbare feiten” heeft Rb overwogen dat zij “niet kan vaststellen dat sprake is van strafbare feiten in die gevallen en dus (ook) van w.v.v.”. In hoger beroep heeft hof geoordeeld dat betrokkene door middel van bewezenverklaarde feiten en door andere strafbare feiten waaromtrent voldoende aanwijzingen bestaan dat zij door betrokkene zijn begaan, wederrechtelijk voordeel heeft verkregen. Ad 2. HR: Om redenen vermeld in CAG leidt klacht niet tot cassatie. CAG: Uit ’s hofs overwegingen kan worden afgeleid dat hof met “andere strafbare feiten” oog heeft gehad op mensensmokkel van vreemdelingen met wie betrokkene eveneens contracten heeft getekend, maar die niet worden genoemd in bewezenverklaring. Uit overwegingen blijkt verder dat hof in art. 36e.2 Sr bedoelde “voldoende aanwijzingen” heeft aangenomen op de grond dat modus operandi van asielaanvragen van die vreemdelingen overeenkomt met modus operandi van asielaanvragen van vreemdelingen die wel worden genoemd in bewezenverklaarde strafbare feiten en met wie betrokkene eveneens contracten had getekend. Hof heeft bestaan van “voldoende aanwijzingen” dus niet (enkel) aangenomen o.g.v. omstandigheid dat vreemdelingen geldbedragen hebben betaald aan betrokkene, zodat klacht berust op verkeerde lezing van ’s hofs uitspraak en feitelijke grondslag mist. Volgt verwerping. Samenhang met 23/04841 (strafzaak).

Advocaten

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.