ECLI:NL:HR:2026:3
Hoge Raad · 06-01-2026 · zaaknummer 23/03882
Inhoudsindicatie
Openlijke geweldpleging met enig lichamelijk letsel tot gevolg, art. 141.1.2 Sr. Vrijspraak in eerste aanleg. Bewijsklacht. Kon hof voor bewijs gebruik maken van verklaringen van aangever en getuigen gelet op wat door verdediging naar voren is gebracht over onbetrouwbaarheid van die verklaringen? HR: Om redenen vermeld in CAG leidt middel niet tot cassatie. CAG: Hof heeft verweer van verdediging kennelijk niet aangemerkt als afzonderlijk uitdrukkelijk onderbouwd standpunt inzake betrouwbaarheid en bruikbaarheid van verklaringen van aangever en getuigen, maar kennelijk opgevat als onderbouwing van algemener bewijsverweer. Dat oordeel is niet onbegrijpelijk, in aanmerking genomen dat uitleg van verweren is voorbehouden aan feitenrechter. Standpunt van raadsvrouw dat verdachte moet worden vrijgesproken vanwege onvoldoende wettig en overtuigend bewijs, vindt zijn weerlegging in de door hof gebruikte bewijsmiddelen. Tot nadere motivering was hof gelet op art. 359.2 Sv niet gehouden. Volgt verwerping. Samenhang met 23/03879.
Advocaten
- M.E. van Wees
- M.J. van Berlo
- R.J. Baumgardt
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
