ECLI:NL:HR:2026:174
Hoge Raad · 10-02-2026 · zaaknummer 23/04511
Inhoudsindicatie
Weigering bloedonderzoek (art. 163.6 WVW 1994) en rijden tijdens ontzegging rijbevoegdheid (art. 9.1 WVW 1994). 1. Betekening dagvaarding in eerste aanleg, art. 36e.2.b Sv. Kon hof oordelen dat dagvaarding in e.a. rechtsgeldig is betekend, nu verdachte t.t.v. behandeling van zaak in e.a. uit anderen hoofde zou zijn gedetineerd in Duitsland? 2. Aanwezigheidsrecht. Aanhoudingsverzoek voorafgaand aan tz. in e.a. per e-mail gedaan door raadsman op de grond dat verdachte gedetineerd zou zijn in Duitsland, door Pr afgewezen o.g.v. overweging dat niet vaststaat dat verdachte gedetineerd is in buitenland. Kon hof het verzoek tot terugwijzing van zaak ter effectuering van aanwezigheidsrecht in 2 feitelijke instanties verwerpen? HR: art. 81.1 RO.
Advocaten
- L.C. de Lange
- V.M.A. Sinnige
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
