Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:HR:2026:1183

Hoge Raad · 07-07-2026 · zaaknummer 25/00879

StrafrechtGepubliceerd 03-07-2026
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

OM-cassatie. Uitreizigster naar strijdgebied in Syrië. Vrijspraak t.z.v. medeplegen deelneming aan terroristische organisatie, art. 140a.1 Sr. Deelneming. Kon hof oordelen dat verdachte niet heeft ‘deelgenomen’ aan organisatie a.b.i. art. 140a Sr? Voor ‘deelneming’ aan organisatie a.b.i. art. 140 en 140a Sr is vereist dat (i) betrokkene behoort tot samenwerkingsverband, (ii) waarbinnen gedragingen plaatsvinden die strekken tot of rechtstreeks verband houden met verwezenlijking van het in die artikelen bedoelde oogmerk, en (iii) betrokkene een aandeel heeft in deze gedragingen, dan wel deze gedragingen ondersteunt. Van ‘ondersteunen’ is sprake als betrokkene met zijn handelen die onder (ii) bedoelde gedragingen bevordert of makkelijker maakt. Dit handelen van betrokkene moet niet in te ver verwijderd verband staan tot verwezenlijking van bedoeld oogmerk. Of daarvan sprake is vergt beoordeling van concreet geval. Hof heeft vastgesteld dat verdachte samen met haar echtgenoot vanuit Turkije naar Syrië is vertrokken, terwijl zij wist dat daar burgeroorlog gaande was. Haar echtgenoot wilde naar Syrië verhuizen om daar zijn geloof te praktiseren. Verdachte is hem in zijn voornemen gevolgd. Samen woonden zij in gebied dat in handen was van terroristische organisatie. Zij hebben in deze periode in Syrië 2 kinderen gekregen en leefden van geld dat zij uit Turkije hadden meegenomen. Verdachte heeft tijdens verblijf in Syrië samen met haar man zorggedragen voor huishouden en geen ander werk verricht. Haar man heeft daarnaast gewerkt als verkeerscontroleur “mogelijk voor terroristische organisatie”. Hof heeft niet bewezenverklaard dat verdachte heeft ‘deelgenomen’ aan organisatie a.b.i. art. 140a Sr en heeft verdachte vrijgesproken. Daaraan heeft hof als zijn oordeel ten grondslag gelegd dat het onder deze omstandigheden verrichten van huishoudelijk werk niet voldoet aan criterium van het hebben van aandeel in of bieden van ondersteuning aan gedragingen die strekken tot of rechtstreeks verband houden met verwezenlijking van oogmerk van terroristische organisatie, omdat handelen van verdachte “te ver verwijderd is van verwezenlijking van terroristisch oogmerk van organisatie”. Hof heeft daarbij overwogen dat het uitsluitend getalsmatig versterken van samenwerkingsverband, niet betekent dat sprake is van het hebben van aandeel of bieden van ondersteuning. Gelet op wat hiervoor is overwogen geeft ‘s hofs oordeel niet blijk van onjuiste rechtsopvatting en is het toereikend gemotiveerd. Volgt verwerping. Samenhang met 23/04981 en 24/04604.

Advocaten

Partijen

  • [verdachte]

    verdachte · onbekend

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.