ECLI:NL:HR:2026:1135
Hoge Raad · 07-07-2026 · zaaknummer 24/04254
Inhoudsindicatie
Rijden terwijl rijbewijs is ingevorderd, art. 9.7 WVW 1994. 1. Bewijsklacht verklaring van verdachte. Kon hof de verklaring van verdachte (“Ik herinner mij dat bij voorgeleiding het rijbewijs werd ingevorderd”) voor bewijs gebruiken, nu niet duidelijk is dat en wanneer verdachte die verklaring zou hebben afgelegd? 2. Bewijsklachten grondslag van invordering van rijbewijs en teruggave van ingevorderd rijbewijs. Kon hof oordelen dat er voldoende wettelijke grondslag was voor invordering van rijbewijs en volgt uit bewijsmiddelen dat rijbewijs niet aan verdachte is teruggegeven? 3. Beroep op afwezigheid van alle schuld wegens ontbreken van bewustheid bij verdachte dat zijn rijbewijs was ingevorderd. HR: art. 81.1 RO.
Advocaten
- H.P.H.M.C. van Kempen
- J. Kuijper
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
