ECLI:NL:HR:2025:495
Hoge Raad · 01-04-2025 · zaaknummer 23/01436
Inhoudsindicatie
Bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht, art. 285.1 Sr. Aanwezigheidsrecht en afstandsverklaring van verdachte m.b.t. tz. in hoger beroep. Heeft verdachte vrijwillig afstand gedaan van zijn recht om bij behandeling van zaak aanwezig te zijn? HR: Om redenen vermeld in CAG slaagt middel. CAG: Handtekening op afstandsverklaring wijkt af van handtekeningen van verdachte op akten van uitreiking bij dagvaarding in eerste aanleg en dagvaarding in h.b. Gelet op resultaat van vergelijking van handtekeningen en e-mailbericht van penitentiaire inrichting (aan herkomst en betrouwbaarheid waarvan in redelijkheid niet behoeft te worden getwijfeld), moet ervan worden uitgegaan dat afstandsverklaring niet door verdachte is ondertekend. Daarmee heeft hof achteraf bezien ten onrechte geoordeeld dat verdachte vrijwillig afstand heeft gedaan van recht om bij behandeling van zaak aanwezig te zijn. Volgt vernietiging en terugwijzing.
Advocaten
- D.J.M.W. Paridaens
- N. van Schaik
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
