ECLI:NL:HR:2025:25
Hoge Raad · 07-01-2025 · zaaknummer 23/01803
Inhoudsindicatie
Art. 416.2 Sv na veroordeling t.z.v. diefstal, art. 310 Sr. Ontvankelijkheid hoger beroep, appelschriftuur bij stukken. Kon hof (enkelvoudige kamer) oordelen dat door of namens verdachte geen schriftuur houdende grieven is ingediend en dat verdachte mede daarom ex art. 416.2 Sv n-o wordt verklaard in h.b., nu hof geen acht heeft geslagen op grieven in bijlage bij e-mailbericht van raadsvrouw aan strafgriffie hof, dat op avond vóór rolzitting in h.b. is verzonden en zich bij stukken bevindt? HR: Om redenen vermeld in CAG slaagt middel. CAG: Uit mailwisseling tussen raadsvrouw en strafgriffie hof volgt dat hof ttz. in h.b. ten onrechte ervan is uitgegaan dat namens verdachte geen grieven waren ingediend. Als gevolg daarvan heeft hof de verdachte ten onrechte ex art. 416.2 Sv n-o verklaard in h.b. Volgt vernietiging en terugwijzing.
Advocaten
- D.J.M.W. Paridaens
- M.C. Pedrotti
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
