Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:HR:2025:1938

Hoge Raad · 16-12-2025 · zaaknummer 24/00859

StrafrechtGepubliceerd 16-12-2025
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Bedreiging van medewerkers van Forensisch Psychiatrische Kliniek met enig misdrijf tegen leven gericht en met zware mishandeling door verdachte die o.g.v. rechterlijke machtiging in kliniek verblijft, door hen (bij poging tot toediening van dwangmedicatie) toe te voegen ‘ik ga jullie één voor één vermoorden’ en ‘morgen pak ik jullie allemaal’, art. 285.1 Sr. TBS met dwangverpleging opgelegd. 1. Bewijsklacht t.a.v. redelijke vrees. Kon hof oordelen dat bij medewerkers van kliniek in redelijkheid de vrees kon ontstaan dat zij leven zouden kunnen verliezen dan wel zwaar lichamelijk letsel zouden kunnen oplopen? 2. HR wijst op verschil met HR:2023:91 (OM-cassatie tegen vrijspraak van bedreiging van zorgverleners in psychiatrisch ziekenhuis). Ad 1. HR herhaalt relevante overwegingen uit HR:2005:AT3659 m.b.t. vereisten voor veroordeling t.z.v. bedreiging met enig misdrijf tegen leven gericht dan wel met zware mishandeling en uit HR:1984:AC8252 m.b.t. (voorwaardelijk) opzet daarop. Verdachte verbleef op 14-12-2022 sinds enkele dagen o.b.v. gedwongen rechterlijke machtiging in Forensisch Psychiatrische Kliniek. Op die dag verbleef verdachte in separeerruimte omdat hij paar dagen daarvoor delen van zijn kamer had vernield. Omdat verdachte medicatie weigerde, gingen medewerkers van kliniek, onder wie aangever, separeerruimte in om verdachte dwangmedicatie toe te dienen. Daarvoor had verdachte al meerdere bedreigingen geuit dat hij medewerkers van kliniek wilde aanvallen en dat hij hen wat aan ging doen, had hij gespuugd door handboeienluik en had hij urine en ontlasting door separeerruimte gegooid. Toen medewerkers van kliniek separeerruimte binnengingen, verzette verdachte zich hevig. Verdachte heeft aangever in gezicht geslagen, onder oog gekrabd, in rug getrapt en in vinger gebeten. Daarbij zei verdachte: ‘ik ga jullie een voor een vermoorden’ en ‘morgen pak ik jullie allemaal’. Aangever heeft verklaard dat hij zich hierdoor bedreigd voelde omdat hij verdachte geloofde en verdachte ‘felle agressieve man’ is. Andere medewerker voelde zich ook bedreigd omdat hij verwachtte dat bedreigingen waarheid konden worden. ’s Hofs hierop gebaseerde oordeel dat door gedragingen van verdachte bij aangever en andere medewerker van kliniek in redelijkheid vrees kon ontstaan dat zij leven zouden kunnen verliezen dan wel zwaar lichamelijk letsel zouden kunnen oplopen, geeft niet blijk van onjuiste opvatting over begrip ‘bedreiging’ a.b.i. art. 285 Sr en is niet onbegrijpelijk. Ad 2. Zaak zich onderscheidt van HR:2023:91 waarin hof verdachte had vrijgesproken van tlgd. bedreiging o.g.v. oordeel dat betreffende verbale bedreiging bij betrokkenen niet z.m. in redelijkheid de vrees kon doen ontstaan dat zij het leven zouden kunnen verliezen of zwaar lichamelijk letsel zouden kunnen oplopen. Hof had daarbij mede acht geslagen op omstandigheid dat verdachte in psychiatrisch ziekenhuis was opgenomen en dat bedreigende taal in context van emotionele en ontregelde geestelijke toestand was geuit. HR verwierp cassatieberoep van OM tegen vrijspraak en betrok daarbij dat ’s hofs oordeel was verweven met aan hof voorbehouden waarderingen van feitelijke aard. Daarbij is van belang dat enkele omstandigheid dat beschikbaar bewijsmateriaal (al dan niet o.g.v. andere uitleg van gegevens van feitelijke aard) bewezenverklaring toelaat, vrijspraak niet onbegrijpelijk maakt (vgl. HR:2004:AO5061). Volgt verwerping.

Advocaten

Partijen

  • [verdachte]

    verdachte · onbekend

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.