ECLI:NL:HR:2024:381
Hoge Raad · 12-03-2024 · zaaknummer 23/02081
Inhoudsindicatie
Beschikking op vordering tot opheffing van schorsing van vervolging door raadkamer hof ex art. 19.1 jo. 16.2 Sv. T.t.v. inzending dossier naar HR ontbreekt p-v van onderzoek in raadkamer (art. 25.1 Sv), terwijl dat stuk nadien alsnog is opgemaakt. HR: Om redenen vermeld in CAG slaagt middel. CAG: Raadsman heeft o.g.v. art. 4.3.6.3 Procesreglement HR verzocht om toezending p-v. Uit mededelingen griffier hof kan niet anders kan worden afgeleid dan dat p-v t.t.v. insturen van dossier aan HR niet was opgemaakt en kennelijk eerst is opgemaakt n.a.v. verzoek HR ex art. 83 RO. Consequentie is dat onderzoek in raadkamer en beschikking aan nietigheid leiden. Volgt vernietiging en terugwijzing.
Advocaten
- A.E. Harteveld
- E.E.W.J. Maessen
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
