ECLI:NL:HR:2024:310
Hoge Raad · 05-03-2024 · zaaknummer 22/01474
Inhoudsindicatie
Uitkeringsfraude door gedurende periode van ruim 10 jaren met ex-man en (meerderjarige) kinderen gezamenlijke huishouding te voeren en na te laten juiste inlichtingen over haar woonsituatie te verstrekken aan gemeente, art. 227b Sr. 1. Bewijsklachten t.a.v. “gezamenlijke huishouding” met ex-man en “medebewoning” van kinderen. 2. Kwalificatieklacht, art. 17 Wet werk en bijstand (oud) en art. 17 Participatiewet. Levert bewezenverklaarde m.b.t. “medebewoning” in periode waarin verdachte o.b.v. WWB (oud) recht had op uitkering een strafbaar feit op, nu “medebewoning” in die periode geen feit of omstandigheid was waarvan redelijkerwijs duidelijk moest zijn dat dit of deze van invloed kon zijn op uitkering van verdachte? HR: art. 81.1 RO.
Advocaten
- D.W.E. Sternfeld
- J. Kuijper
- M.E. van Wees
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
