ECLI:NL:HR:2024:235
Hoge Raad · 13-02-2024 · zaaknummer 23/00018
Inhoudsindicatie
Poging tot moord op ex-vrouw door in 2020 in Houten meerdere keren met bijl tegen haar hoofd en lichaam te slaan (art. 289 Sr). Teruggave ten behoeve van rechthebbende van inbeslaggenomen voorwerpen (telefoon, schoeisel en kleding), art. 353 Sv. Hof heeft in zijn beslissing de teruggave van inbeslaggenomen voorwerpen “aan de rechthebbende” gelast. O.g.v. art. 353.2 Sv had hof echter moeten gelasten a) dat die voorwerpen worden teruggegeven aan degene bij wie ze in beslag zijn genomen, of b) dat zij worden teruggegeven aan ander die redelijkerwijs als rechthebbende kan worden aangemerkt, of (als geen persoon als rechthebbende kan worden aangemerkt) c) bewaring van voorwerp t.b.v. rechthebbende (vgl. HR:2006:AU5785). Nu hof niet heeft vastgesteld aan wie deze voorwerpen toebehoren, moet het ervoor worden gehouden dat hof heeft bedoeld bewaring t.b.v. rechthebbende te gelasten. HR leest ‘s hofs beslissing in zoverre verbeterd. Volgt verwerping.
Advocaten
- A.E. Harteveld
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
