ECLI:NL:HR:2024:1847
Hoge Raad · 17-12-2024 · zaaknummer 22/02851
Inhoudsindicatie
Valsheid in geschrift, meermalen gepleegd, door op naam van rechtspersoon gestelde aangiften vennootschapsbelasting valselijk op te maken, art. 225.1 Sr. Vrijspraak in eerste aanleg. Bewijsklacht. Waren aangiften vennootschapsbelasting bestemd om tot bewijs van enig feit te dienen? Hof heeft vastgesteld dat Belastingdienst aan verdachte ambtshalve aanslagen vpb voor jaren 2009 en 2010 heeft opgelegd en dat verdachte vervolgens digitaal aangiften vpb over deze jaren heeft ingediend. Hof heeft overwogen dat ingediende aangiften, die elk bestaan uit digitaal formulier waarin uitsluitend opgave is gedaan van posten en daarbij vermelde bedragen, fiscaalrechtelijk worden opgevat als bezwaarschriften tegen ambtshalve opgelegde aanslagen. Daarin ligt besloten dat deze aangiftebiljetten gronden van bezwaar tot uitdrukking brengen. Daarmee behelzen aangiftebiljetten in kern verzoek aan inspecteur aan verdachte opgelegde aanslagen te heroverwegen, in die zin dat deze worden verminderd overeenkomstig in die aangiftebiljetten opgegeven bedragen. Hof heeft geoordeeld dat bezwaarschriften bestemd zijn tot bewijs van enig feit te dienen. Dat oordeel is onjuist, omdat aan een tegen belastingaanslag gericht bezwaarschrift als zodanig, v.zv. dat bezwaarschrift ertoe strekt bedrag van aanslag tot bepaald bedrag te verminderen, in maatschappelijk verkeer niet zodanige betekenis voor bewijs van inhoud ervan pleegt te worden toegekend dat daaraan bewijsbestemming in de zin van art. 225 Sr toekomt (vgl. HR:2017:2542). HR neemt daarbij in aanmerking dat aangiftebiljet dat niet is ingediend binnen de in art. 9 AWR bepaalde termijn en waarmee inspecteur bij aanslagoplegging geen rekening heeft kunnen houden, niet kan gelden als bij belastingwet voorziene aangifte in de zin van belastingwetgeving (vgl. HR:2016:1333). Volgt (partiële) vernietiging en terugwijzing.
Advocaten
- M.E. van Wees
- M.E. van der Werf
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
